De jeugd van alle tijden
Het gaat weer eens niet goed met de jeugd. Het onderzoeksbureau Motivaction ondervroeg 22 duizend jongeren van na 1984 en schrok zich een ongeluk. Met 42 procent van de jeugd dreigt het voorgoed mis te gaan. Die is niet solidair, niet milieubewust, niet politiek betrokken, niet geduldig en uitsluitend uit op eigen genot. Dit is de ‘Grenzeloze Generatie’. Een ‘sociale tijdbom’. Het product van ouders die geen grenzen durven te stellen. Het rapport werd deze week aan Balkenende overhandigd en ik kon een geeuw niet onderdrukken.
De jeugd heeft nooit gedeugd. Al in de jaren vijftig, volgens wijlen Pim Fortuyn de gouden tijd van orde en gezag, ging het mis. De losgeslagen asfaltjeugd betrad het tijdstoneel, een jeugd zonder waarden en normen. Daarna kwamen de nozems en brozems (nozems met brommer). ‘Ze staan op de hoeken van de straat, ze zitten op de vensterbanken, ze hangen in portieken. Ze pronken met hun mooie pakken, maar ze deugen nergens voor’, schreef Jan Vrijman in 1955 in Vrij Nederland. De Pleiners en de Dijkers (vetkuiven) maakten hun entree en die waren nog niet verdwenen of een sarrende, zuigende en provocerende generatie jongeren eiste alle aandacht op. Dat waren de Provo’s. Die waren nog niet weg of de softe hippies – all you need is love - betraden het toneel, in de jaren zeventig opgevolgd door de allesverachtende punkers en de zwartgallige jongens en meisjes van No Future. Waar zou je nog ergens druk om maken?, want morgen valt de bom.
Ook daarna ging het mis. Gabbers, hackers, aso’s en hangjongeren joegen de nette burger de stuipen op het lijf. Treuriger nog was de stoet van lamlendige sukkels die daarna kwam. De patatgeneratie, de achterbankgeneratie, de generatie Nix, de multitaskende zapgeneratie. De generatie Einstein leek een licht in deze duisternis, maar die bleek dankzij de fantastische onderwijshervormingen weer niet tot tien te kunnen tellen.
Je zou denken dat een maatschappij een voortdurend stormloop op zijn kernwaarden niet kan overleven. Maar kijk eens om u heen. Nederland is geen mislukte staat. Nederland staat nog recht overeind.
Die Grenzeloze Generatie, die tijdbom, is geen incident. Elke generatie staat voor de opgave om de nieuwe aanwas van jonge barbaren in te passen in de maatschappij. Dit is een voortdurende strijd want de jeugd van tegenwoordig is de jeugd van alle tijden. ‘De jeugd houdt van luxe, heeft slechte manieren, heeft lak aan gezag, kletst maar wat en tiranniseert zijn ouders’. Dit zei Socrates 2500 jaar geleden en wij zeggen het nog steeds. En de jeugd van alle tijden vindt zijn ouders betuttelend, star, zelfgenoegzaam, kneuterig, fantasieloos en kleinzielig.
Deze permanente ‘botsing der culturen’, waarin volwassenen hun kinderen mores leren en kinderen volwassenen wakker schudden met nieuwe ideeën en opvattingen, brengt de volgende, andere en hopelijk betere maatschappij voort.Dus niet getreurd. De jeugd deugt niet, heeft nooit gedeugd en zal nooit deugen. En dat is maar goed ook.