De gok
Gisteren zag ik in de krant een keurige meneer tegenover een groepje woedende vrouwen staan. De vrouwen houden borden omhoog. Naar de gevangenis! Geef ons onze dollars terug! De grijze heer is Edward Liddy, topman van AIG, ’s werelds grootste verzekeraar, die door de Amerikaanse belastingbetaler met 200 miljard dollar uit de prut is getrokken. Liddy biedt nederig excuses aan. Want Amerika is razend van woede omdat uitgerekend de ergste financiele kwakzalvers van dat bedrijf toch 165 miljoen aan bonussen zullen opstrijken.
Dit zijn revolutionaire tijden. De een na de andere voormalige master of the universe kruipt nu door het stof. ‘We hebben ons vreselijk vergist’, zegt Alan Greenspan nu, eens Amerika’s hoogvereerde financiële tovenaar. ‘Het griezeligste wat een ondernemer kan horen is: ik ben van de overheid, ik kom u helpen’, zei Reagan ooit. Dat tijdperk is voorbij. De overheid is nu de redder in financiële nood. Obama, zo las ik in dezelfde krant, pompt nu een extra biljoen in de economie. Eén biljoen! Ik heb moeten opzoeken hoeveel dat is. Dat is een 1 met 12 nullen. Een miljoen maal een miljoen.
Er is nu een nieuwe economische held opgestaan - een verguisde oude held trouwens. John Maynard Keynes. Hij was de man die Amerika uit de Grote Depressie van de jaren dertig zou hebben getrokken. Hij is de man die ons weer moet redden. ‘We zijn allemaal in een paar maanden weer Keynesiaan geworden’, zei een Nobelprijswinnaar vorige week.
Het dogma van het neo-liberale marktdenken was altijd dat de markt zichzelf corrigeert. De overheid moest vooral zijn handen thuis houden. Fout, zei Keynes. Vaak gaat een recessie van kwaad tot erger, want spaarders en werklozen geven nauwelijks wat uit. Dat geld moet dus van de overheid komen, en dat is precies wat Obama en Bos nu doen. Desnoods stop je pakken geld in nutteloze projecten. Kousen breien, die door een andere fabriek weer laten uithalen en de bolletjes wol weer terugbrengen naar de kousenfabriek is, hoe krankjorum ook, Keynesiaans dik in orde. Want zo kunnen die werknemers de groenteboer betalen, kan de groenteboer de tuinder betalen en de tuinder zijn personeel. Door het geld te laten rollen blijft de economie in leven.
Zou het deze keer ook helpen? Kijk, dat durven de economen niet met zekerheid te zeggen. Flink wat economen betwijfelen zelfs of de Grote Depressie dankzij Keynes is beeindigd. Dit is de eerste echte test, zeggen ze. Als over een jaar het ergste voorbij is dan heeft Keynes gelijk gehad. Zo niet, dan hebben we pech gehad. Met andere woorden: miljarden in de economie pompen is een adembenemende biljoenengok. En of die gok goed uitpakt weet niemand.
De ene econoom beweert dat het ergste al over twee jaar voorbij is, de volgende rekent op een jaar of tien, een enkeling zegt dat het een generatie lang zal duren. De een is diep somber. De ander ziet al lichtpuntjes aan het eind van de tunnel. Maar dat zouden net zo goed de koplampen kunnen zijn van de aanstormende trein.
Jan Paalman
20 maart 2009