Achter de koele cijfers
Houdt het nooit eens op? Elke keer dat ik de krant opensla waait een gure economische wind me recht in het gezicht. Het pensioen daalt, de werkeloosheid stijgt, aandelen kelderen, banken wankelen en om je dat goed in te peperen tracteert de krant je op grafieken die regelrecht het diepe economische dal in sjokken. Maar achter die koele cijfers en grafieken gaat het echte leed schuil. De recessie dreigt ieders leven overhoop te halen.
En dan valt het in Nederland nog mee. Wij hebben een sociaal vangnet dat ons beschermt tegen de allerbitterste armoe, al worden de mazen van dat net steeds wijder. Maar Amerika heeft geen sociaal vangnet. Tussen rampen en geluk is de afstand er groter dan bij ons. Wie daar valt valt op beton. De New Yorkse publieke radio (WNYC) heeft een website geopend waar luisteraars kunnen vertellen hoe de recessie in het dagelijkse leven doordringt. Geen koele cijfers hier, wel persoonlijke verhalen, soms geestig, soms heel wrang.
Het zijn de kleine observaties die de realiteit achter de cijfers het scherpst in beeld brengen. Ze kunnen ons leren wat ons wellicht boven het hoofd hangt. Cafébazen, zo merken de New Yorkers, serveren glazen bier van gereduceerd formaat, de porties in de restauranten zijn kleiner en de borden ook. Iemand meldt dat in zijn straat nooit werd ingebroken en afgelopen week al drie keer. De politie (altijd geld tekort en nu zeker) voert elke dag snelheidscontroles uit in plaats van eens per maand. Bij McDonalds eten nu deftige heren in scherp gesneden pak. Een New Yorker signaleerde een prachtige Bently met een ontbrekende wieldop en een niet gerepareerde deuk. En Wall Street is ineens bezaaid met sigarettenpeuken. De stress, begrijpt u? (‘Longkanker is recessiebestendig’, reageerde de Amerikaanse postbus 51 prompt) Iedereen is bang voor zijn hachie, of op zoek naar een baantje, hoe lullig ook.
En dan was er een bijdrage die zo uit een Russische roman had kunnen komen. ‘In het midden van de nacht werd ik wakker. Een deur sloeg dicht. Een man werd uit zijn apartement gezet. Urenang hoorde ik iemand op de gang huilen: “ik heb geen baan, ik heb niets meer”. Hij bleef maar roepen. Angstaanjagend. Niemand belde de politie. Ik denk dat mijn buren hetzelfde dachten als ik. Ze zaten ook achter hun voordeur en huilden met de man mee.’
Op de site (wnyc.org/shows/bl/economic_indicators) valt niet veel te lachen. Het aardigst vond ik nog de klacht van een cursist modeltekenen. Vroeger stonden ranke danseressen model, nu vlezige dikke heren die tot voor kort op een kantoorkruk van een bank zaten. Alleen al daarom hoopte hij dat de recessie snel over zou waaien.
Nee. Voor de leukste en inktzwarte recessiegrap moet je in Nederland zijn. Hein de Kort, cartoonist van Het Parool, tekende een garage met reclameborden op het dak: Gratis proefrit van 5 jaar! Levenslang gratis benzine! Binnen zegt een klant tegen de autodealer: 'En ik wil seks met je dochter'. 'Deal!’, zegt de handelaar.
6 maart 2009
Jan Paalman