Eigen schuld, dikke bult?


We weten het nu, al wisten sommigen het al veel eerder. Eergisteren maakte al-Qaida per video bekend dat ze verantwoordelijk is voor de bomaanslag op de Londense ondergrondse die 55 levens kostte en 700 gewonden. En wie is de schuld? Tony Blair. ‘Want westerse burgers moeten boeten omdat zij regeringen steunen die misdaden plegen tegen moslims’. Al-Zawahiri, de rechterhand van Bin Laden, belooft nog meer van hetzelfde. De burgers van alle westerse landen die betrokken zijn of waren bij de oorlog in Irak zijn nu een legitiem doel. Nederland kan zijn borst natmaken.

De video lijkt wel een verlate echo van een column die Anton van Hooff vlak voor de vakantie schreef. ‘Zouden Chirac en Schröder, die met ernstige gezichten hun afgrijzen uitspraken, niet in hun hart denken; “Eigen schuld, dikke bult?”’

Laten we daar eens mee beginnen. Eén tegenvoorbeeld. In 2000 verhinderde de politie van Frankfurt op het nippertje een bomaanslag op de kerstmarkt in het Franse Straatsburg. Stel nou dat die aanslag was gelukt. Dat we beelden van honderden uiteengerukte mensenlijven hadden gezien - hangend in de bomen of badend in zeeën van bloed. Eigen schuld, dikke bult? Van wie dan wel? Van Schröder en Chirac?

En dat er volmaakt onschuldige slachtoffers vallen verbaast Anton niet. Hij vindt dat wel verschrikkelijk, maar zo gaat het nu eenmaal in de oorlog. ‘Verwachtte Blair soms menslievende aanslagen? Hij is toch in een zelfverklaarde oorlog?’

Goed. Oorlog dus. Maar wat is het dan voor soort oorlog? Tegen een land? Tegen Engeland en zijn burgers waarbij het niet uitmaakt of ze onschuldig zijn of niet? Als dat zo is kun je je afvragen waarom die Engelse Moslim terroristen de moeite namen om met hun kwaadaardige rugzakjes het zwaarbeveiligde Londen binnen te dringen. Ze hadden net zo goed naar de moskee om de hoek kunnen gaan. Die zit tijdens het vrijdagavondgebed volgepakt met onschuldige Engelse burgers. Waarom deden ze dat niet? Omdat ze geen oorlog voerden tegen een land maar tegen een manier van leven. Daarom.

In 1946 keerde Sayyid Qutb, de aartsvader van het moslimfascisme, vol walging terug van een bezoek aan het verdorven Amerika en zag tot zijn afgrijzen dat ook de Egyptische moslims aangetast waren door westerse decadentie. Zijn leerling al-Zawahiri, de bedenker van de aanslag op Sadat, verklaarde de oorlog aan de ongelovigen maar vooral aan de niet-zuivere moslims. Hij zou het later schoppen tot rechterhand van Bin Laden. (En dat verklaart weer de dagelijkse moordpartijen op de Irakese Sjiieten - afvallige moslims in de ogen van Bin Laden en zijn makkers – waartegen nauwelijks een protest klinkt uit de Islamitische wereld.) Bin Laden tenslotte richtte in 1988 Al Qaida op, dus lang voor de eerste, laat staan de tweede Golfoorlog. Die oorlog in Irak maakt dus niets uit. Al Qaida voert sowieso oorlog. Niet om wat we doen. Maar om wat we zijn. Niet tegen een land. Maar tegen een manier van denken.

In een eerdere column vergeleek Anton van Hooff zelfmoordterroristen met de vroeg christelijke martelaren. Een misplaatste vergelijking, want de christelijke martelaren hebben nooit zoveel mogelijk mensen om zeep willen brengen. Toch zit er wel wat in die vergelijking, maar anders dan Anton wellicht denkt.

Op een gegeven moment nam de hang naar martelaarschap zo’n hysterische vormen aan dat zelfs de kerk er zich voor begon te genereren. Heel wat martelaren gaven zich op eigen initiatief aan bij de Romeinse rechtbanken. Het waren vaak vrijwilligers. Ene Ignatius verlangde zo naar de ‘kroon van het martelaarschap’ dat hij zijn machtige vrienden smeekte om niet tussenbeide te komen. Een held? Meer een geval voor de psychiater, zou ik denken. Diagnose: narcistische persoonlijkheidsstoornis.

Stel nou dat, zoals al-Zawahiri voorspelt, ook in Nederland het ergste gebeurt. En stel nou eens dat mij het allerergste overkomt. Dat mijn Bep en Gerrit omkomen in een bomaanslag. Ik zou dan wensen dat ze om het leven waren gebracht door een ordentelijke crimineel en niet door een idealistische moordenaar. De aanblik van een triomferende dader in de rechtszaal, badend in de bewonderende blikken van zijn sympathisanten op de publieke tribune, een vrome moordenaar die zich van geen kwaad bewust is maar oprecht gelooft dat hij zijn mensenetende God een goede dienst heeft bewezen zou ik niet kunnen verdragen.

Jan Paalman
3 september 2005


www.janpaalman.nl